Wind

‘Dag meneer,’ net voorbij het kersbergenplein spreken twee jongens me aan, ‘mogen we u iets vragen.’ Ik ben onderweg naar een afspraak, toch stop ik even. Ik kom niet graag te laat en daarom vroeg genoeg vertrokken om even naar die beugelbekkies op voetbalschoenen te luisteren. Ze lachen. In de zakken van hun trainingspak friemelen hun handen zenuwachtig heen en weer zoals ik dat zelf weleens onopvallend doe als mijn ballen niet lekker liggen of tegen mijn been aan plakken.

Ik verwacht een vraag over een ruilspel. Of ik misschien twee lolly’s en een dobbelsteen, wil ruilen tegen iets groters, iets wat meer waard is dan wat ze tot nog toe hebben. Ik vrees een beleefd ‘nee laat maar’ op het moment dat ik ze vertel dat ik alleen een boek in mijn tas heb zitten. Dat ze zich bekocht zullen voelen met iets dat meer waard is dan wat ze mij kunnen bieden, maar waar ze zelf weinig waarde aan zullen hechten.

‘Wat wij wilden weten mijnheer,’ ze kijken elkaar heel even aan, ‘heeft u gisteren nog een scheet gelaten?’
Ze doen hun best om serieus te blijven. Heel even doe ik alsof ik zorgvuldig over een antwoord nadenk. ‘Gemiddeld zo’n drie per uur. Sterker nog, ik heb er net hier bij jullie nog een gelaten. Maar het waait vandaag zo hard dat niemand daar iets van merkt.’

Niels ®elen

Share and Enjoy !

Shares

Leave a reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.