Trainen met.. Isabelle Beckers (non fictie)

Als ik de auto voor het 185 Coaching Center parkeer, zie ik Isabelle door de ruit al warm rijden op de trainer. Mooi, ik zit goed, schiet het door mijn hoofd, gevolgd door opluchting omdat er geen tweede trainer naast staat.

‘Hey Isabelle,’ groet ik haar bij binnenkomst, ‘heb je er al zin in?’IMG_0188
‘Ik weet waarvoor ik het doe’, antwoordt ze ontwijkend met een glimlach.
‘Zelf heb ik altijd een soort haat-liefdeverhouding met dit soort tests,’ beken ik, ‘ik zie ertegenop omdat ik weet dat ik kapot ga, dat ik van de fiets af kom als het dode vogeltje dat hier buiten voor het raam ligt. Als ik klaar ben, dan kan ik vaak zijn…’
‘Precies, dat heb ik nou ook.’
‘Is er een tweede fiets?’ Ik had me voorgenomen om dezelfde test te rijden als Belle. Niet alleen omdat ik het wel zo sportief vind om hetzelfde te ondergaan als zij, maar ook omdat ik nieuwsgierig ben naar hoe ik als man om zal gaan met het verlies van een vrouw.
‘Nee, sorry’, antwoordt Jeroen die druk is met de laatste voorbereidingen voor de test. ‘Lengte en gewicht?’
‘1.83, 63 kilo.’ Ontspannen deint de lok van haar lange, donkere haren op het ritme van haar benen.
‘Nu kunnen we nog wel wat praten, maar dat zal straks wel anders worden.’ De hometrainer klinkt als een stofzuiger waardoor ik soms moeite heb haar goed te verstaan.
IMG_0186‘Geeft niet, het leek me bij zo’n test juist mooi om niets te zeggen, alleen te kijken naar hoe je lichaam spreekt.’ Uit mijn tas pak ik een pen en een notitieblok en schrijf het woord Mooi op. Het woord dat onbewust te vaak door mijn hoofd gaat. Het is de schuld van Yves, denk ik nog, die me vertelde dat Isabelle nochtans een schone dame is, of van het filmpje waar ze met hakken aan de Paterberg bedwingt en uitlegt wat ik ook aan mijn vriendin vele malen vertelde: hakken maken de vrouwenbenen en -billen mooier.
‘Ik heb een schoenenfetish,’ verklap ik pardoes, ‘je zou het niet zeggen aan het paar dat ik nu draag, maar ik houd van schoenen.’
‘Youtube?’ Aan het dansen van het haar zie ik dat de weerstand zojuist weer is opgevoerd het valt me op dat haar rechtermiddelvinger constant naar buiten wijst zodat Jeroen bij elke stap bloed kan prikken.
‘Yep.’
‘Ik heb er altijd van gedroomd om op dit niveau aan sport te doen, ik doe er alles voor, maar de ironie is dat ik straks herinnerd word om een paar hoge hakken.’ Haar ademhaling wordt zwaarder, er druipt zweet van haar voorhoofd en de stofzuiger klinkt af en toe alsof hij vacuüm trekt. Ik kijk op mijn horloge. Bijna twintig minuten, zelf kwam ik in deze test nooit verder dan achttien en een beetje, en dat vond ik al een mannelijke prestatie.
Schoenen nemen je ergens mee naartoe, wil ik zeggen, maar uit de manier waarop ze haar hoofd verder omlaag buigt, maak ik op dat ze me niet meer hoort, en het vermogen weer opgevoerd is. ‘Kom op, ga door hè’, roepen Jeroen en ik, terwijl ik zie hoe haar armen zich aanspannen en haar benen vol lopen.
‘Ruim 22 minuten.’ Op de laptop analyseert Jeroen de resultaten. ‘Even uittrappen en dan gaan we buiten nog wat techniek doen.’
Even later fietsen we in een rustig tempo Wuustwezel uit.
‘Dit parcourtje gaan we zo maximaal rijden.’ Nu pas valt me op hoeveel Jeroen zonder bril op Tom Boonen lijkt, ‘een kilometer of twee met drie scherpe bochten. Ik wil dat je die bochten goed aansnijdt.’
‘Was je tevreden over de test?’ wil ik weten.
‘Een test zegt niet alles.’ Het klinkt onderkoeld, maar zijn glimlach verraadt meer.
Isabelle knikt, en laat zich in de beugels van haar tijdritfiets zakken. De harde holle klikken bij het schakelen verraden hoeveel kracht ze op de pedalen zet. Twee rondjes knalt ze met speels gemak, en tegen de wind in, boven de veertig over het asfalt en dan gaat het een ronde rustig.
‘We gaan zo nog eens twee ronden,’ legt Jeroen uit, ‘maar dan wil ik dat je de bochten later ingaat. Langer snelheid houden en dan ineens inkappen naar de binnenkant, hard erdoor en dan helemaal aan de buitenkant uitkomen.’
Opnieuw knallen we over het parcours en ineens moet ik na iedere bocht een gaatje dicht rijden waardoor ook ik de bocht op het laatste moment ga proberen te kappen. Ik hijg en bijt, en ik heb geen test afgelegd. Mijn benen zijn nog fris, maar verlangen nu al naar rust.
‘We gaan zo nog een laatste ronde.’ Jeroen is nog niet tevreden. ‘Ik wil dat je de weg meer gebruikt, meer naar het randje uitkomen. Je moet niet bang zijn voor het kantje, dit stukje asfalt is net zo breed als dat stukje daar. Als je dat gebruikt, kom je met zoveel meer snelheid uit de bocht, dat gaat jou echt opleveren.’ Hij klinkt niet alleen overtuigd, maar vooral ook enthousiast. ‘Nog een keer vol.’
Moeiteloos trekt Isabelle zich in gang, mijn teller tikt net de vijftig niet aan en ik trek onderin de beugel.
‘Kun je even naar mijn positie kijken?’ vraagt Belle bij het uitfietsen aan Jeroen die knikt.IMG_0195
‘Is het podium realistisch op het Belgisch Kampioenschap?’
‘Zeker, Belle is serieus met haar sport en dit was haar beste test ooit.’ Terwijl hij het zegt, analyseert hij haar houding. ‘Maar er zijn altijd meer factoren.’ We fietsen naar voren waar Jeroen de laatste aanwijzingen over Isabelle ’s houding geeft voordat we het dorp weer inrijden.
‘Kom je eens kijken in de koers?’ Ze kijkt opzij naar mij. ‘De vrouwenkoers is korter, maar ook zoveel mooier omdat er meer aangevallen wordt.’
‘Graag’, knik ik en vind in de tegenligger een goed excuus om me wederom uit te laten zakken in haar wiel waar ik tevreden constateer dat ze zelfs mooi op de fiets zit.

Niels ®elen

 

Polar-logo

Share and Enjoy !

Shares

Leave a reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.