Reisgids

Vooraf

Zoals de start van Giro, Tour of Vuelta het bloed van profrenners sneller, gaat ons bloed sneller stromen voor de tweejaarlijks terugkerende Wounded Warriors Life Ride. Na enkele keren uitstel door Corona, stappen we in September eindelijk op en gaan we, vijfentwintig plus twee jaar na Srebrenica, Back2Bosnia.

In een proloog en zeven etappes overbruggen we samen een kleine 730 kilometer en 6500 hoogtemeters. Om dit zo goed mogelijk te laten verlopen zijn er na de verkenning een aantal zaken, die we hier graag met jullie delen.

In die afspraken zullen er meer open deuren zijn, maar zoals de Britten zeggen:’when you assume, you make an ass out of you and me.’

  1. Voor het vertrek is het belangrijk om je fiets te controleren. Dit kun je zelf doen of door een fietsenmaker. De belangrijkste redenen hier voor zijn het voorkomen van problemen en de veiligheid. Gezien het terrein is het slim om je fiets te voorzien van nieuwe remblokken, banden, ketting en cassette. Voor de zichtbaarheid en omdat we gedurende de week een aantal keren door een tunnel rijden, is een remlicht een aanrader. 
  2. Iedere renner heeft de route en tenminste een adres van de finishplaats bij zich. Het handigste is natuurlijk op je teller. Mocht je niet in bezit zijn van zo’n teller kun je je telefoon gebruiken. Let wel, internet valt daar niet onder je mobiele abonnement. 
  3. Wij zijn een peloton anders dan alle andere. Wij rijden geen wedstrijd, maar in principe samen. In de beklimmingen is het belangrijk dat iedereen zijn eigen ritme kan rijden, maar ook daar houden we elkaar in de gaten en laten we dus ook niemand achter. Dat betekent dat de laatste man in geen geval alleen rijdt. 
  4. Ook in de afdalingen kan ieder zijn eigen tempo rijden. De wegen in Bosnië zijn echter heel onvoorspelbaar en tijdens de verkenning kwamen wij een aantal keren, onaangekondigde wegwerkzaamheden tegen waar het asfalt ineens ophield. We verwachten dat de meeste van die opbrekingen in september er niet meer zijn, maar als je na een bocht ineens het grind inklapt met tachtig kilometer per uur, red ook de cursus remmen van Henk Lubberding je niet meer. 
  5. Vanwege de veiligheid rijden we de stukken waar tunnels in voorkomen in ieder geval als een geheel. Niet alle tunnels zijn verlicht en door samen te rijden profiteren we niet alleen van een betere zichtbaarheid als groep, maar ook van de ‘bezemwagen’ achter ons. 
  6. De bezemwagen rijdt met een waarschuwingsbord achter de groep of in beklimmingen de laatste man. Zij beschikken over reparatiemateriaal en een telefoon met internet via lokale simkaarten. Op die manier staan ze in contact met de organisatie en de bevoorrading bus. De bevoorrading bus staat op vooraf bepaalde plekken langs de route. Op die plaatsen stoppen we voor eten drinken en hergroepering. 

Achtergrond

Zoals Black Lamb and Grey Falcon -the record of a journey through Yugoslavia- van schrijfster Rebecca West de aanleiding vormden voor journaliste Irene van der Linde en fotografe Nicole Segers om naar de Balkan af te reizen, keert het I can Wounded Warriors Cycling Team vijfentwintig plus twee corona jaren na de val van Srebrenica terug naar Bosnië. 

In het land van bloed(bal) en honing(kan) rijden ze nu acht dagen lang als een ander peloton, een wielerpeloton door een gebied waar ze als jonge militair naar uitgezonden werden. Over de routes waar ze patrouilles reden, gaan ze terug. Een week lang fietsen ze door een gebied dat maandenlang hun thuis was en meer dan ze vooraf beseften hun kijk op het leven veranderde. 

Al meer dan een eeuw lang is de Balkan een gebied waar men bijna wanhopig naar vrede zoekt, maar waar oorlogen geboren worden. In 1929 verbood koning Alexander de 1e er alle politieke partijen en zelfs elke uiting van etnische gevoelens om zo een gevoel van eenheid, Joegoslavisme, te bereiken. Een wet die hem uiteindelijk zelf het leven kostte. 

Er zijn veel redenen om naar een gebied als dit terug te keren. Je kunt de cirkel rond maken en vrede te sluiten met het verleden. Je kunt vijfentwintig jaar ouder in je verleden stappen om hier woorden te geven aan jouw geschiedenis. Je kunt de notulen van je herinneringen als as over het land van herkomst uitstrooien of je kunt weerkeren omdat je weet dat de verhalen die onder je fietshelm schuil gaan ook iets zijn om trots te zijn. 

Elk van ons heeft zo zijn eigen reden om hier op de fiets te stappen. Ik ga, omdat ik nooit ging, mijn ervaringen als veteraan(Afghanistan) pas later kwamen. Op een leeftijd waarop je voldoende van de wereld gezien en gelezen hebt om hem te kunnen relativeren, waarop je vooraf al beseft dat je leven vanaf nu anders zal zijn. 

‘Jongens waren we – maar aardige jongens al zeg ik het zelf.’

Nescio

Onderweg

Een dag nadat de regering op 5 april 1992 de onafhankelijkheid van Bosnië Herzegovina uitroept, beginnen Servische tanks van Ratko Mladic Sarajevo onder vuur te nemen. Bijna vier jaar lang belegerden zij de stad en bestookten hem met mortiervuur. Gemiddeld vallen er elke dag ruim driehonderd granaten. Sluipschutters schieten er willekeurig op de inwoners die op straat lopen of in hun huis achter een raam bezig zijn.

Sarajevo

Naast de Noorse ambassade in het hartje van de stad, bevindt zich het hostel waar we verblijven. Loop je naar het zuiden, langs de kerk, waar een beeld nog herinnert aan het bezoek van Paus Johannes Paulus de tweede, dan beland je in Stari Grad, de oude stad. Met name na zonsondergang is het hier sfeervol en gonst het van de mensen. Bewoners, verkopers en toeristen slenteren er langs moskeeën, winkeltjes en restaurants waar je het streekgerecht cevapi, een soort Shoarma eet.

‘Om de vijftig jaar is hier oorlog.’

***

Dinsdag 28 juni Sarajevo 

Als we van het vliegveld van Sarajevo door de stad rijden, blijkt dat Freddy hier thuis is. Ik niet. Ik kijk om me heen en neem op wat nieuw voor me is. De vele verledens die de stad uitademt zijn indrukwekkend. 

Straten die vernoemd zijn naar het ambacht dat er het meeste voorkwam. De hoek langs de weg waar Frans Ferdinand werd neergeschoten. Oude trams uit diverse landen. De flats waar de sporters tijdens de winterspelen van 1984 verbleven en betonnen woonblokken waar de littekens van de oorlog nog steeds ingegraveerd staan. Littekens die soms aan het zicht onttrokken worden door de hypermoderne gebouwen en winkelcentra die Sarajevo een nieuw gezicht moeten geven. 

Ons hostel is niet modern. De eigenaar Ahmat, is een vriendelijke man met een prachtig glanzende zwartgeverfde baard. Hij praat hard, alsof zijn Engels beter te begrijpen is wanneer de holle muren zijn woorden nogmaals weerkaatsen. 

Bij de Galerija 11/07/95 hangt aan de muur van het gebouw een spandoek. Een foto van een mooie vrouw met daaroverheen een tekst die ik volgens Freddy waarschijnlijk wel ken. Een souvenir dat de Nederlanders op een van de muren van hun kamp achterlieten.

‘No Teeth… A mustache… Smel like shit? Bosnian girl.’

***

Proloog – Olympische gedachte. 

Vanuit ons hostel in het hartje van Sarajevo, vertrekken we door de stad en passeren daar de markt waar ooit mortiergranaten vielen die de internationale gemeenschap deed besluiten om in te grijpen. Als je ’s avonds door het centrum loopt, zou je het niet zeggen, maar de aanslag op de markt en de hoek van de straat waar Gavrilo Princip een aanslag pleegde op keizer Frans Ferdinand, de vervallen gebouwen en de grote begraafplaats zijn de poriën waaruit de stad haar herinneringen aan de oorlog ademt. 

Naast de oorlog word je al vanaf het vliegveld herinnerd aan de winterspelen van 1984. Bordjes verwijzen er naar de diverse locaties van evenement. Langs de hoofdweg door de stad heen zie je de wat in verval geraakte flats uit het Olympisch dorp, tegenwoordig woningen voor de lokale bevolking. 

Via de brug over de Miljacka laten we de stad en de onrust achter ons. Daar begint de klim die ons geleidelijk naar de inmiddels vervallen Olympische bobsleebaan brengt. Kort onder de top van de Trebevic rijd je het bos uit en zie je links in het dal de Sarajevo weer liggen. Voor de Serven was dit de ideale opstelling van waar ze de oude stad onder controle hielden en de troepen te intimideerden.  

Travnik

Twee eeuwen lang is Travnik – wat groene stad betekent – de hoofdstad van de Ottomaanse provincie Bosnië geweest. De meest westerse post van het Turkse Rijk waar de Pasja zetelde die vanuit Istanbul door de sultan naar hier gezonden was. 

Ook tijdens de oorlog vormde dit gebied een grens. Het is de plek waar de frontlinie tussen de Serviërs en het regeringsleger liep. Noord van Travnik, ligt het vestingstadje Jajce. Hoog boven het stadje op de rotsen ligt een middeleeuws kasteel dat herinnert aan het feit dat dit, voor de Turkse overheersing, de hoofdstad van het Bosnische koninkrijk was. 

Nergens anders werden er door Kroatische-, Servische-, en Moslimmilitairen volgens het Joegoslavië-tribunaal zoveel oorlogsmisdaden gepleegd als hier.

Etappe 1 – Dutch Approach

Na een tweede nacht in Sarajevo, leidt de etappe van vandaag naar Travnik. Nu we de broeiende hitte en de chaos van de stad achter ons liggen, rijden we in een relatief vlakke rit langs de plaatsen als Kiseljak, Busovaça, Santici en Novi Travnik. 

Het is een etappe waarin onze benen even kunnen herstellen van de klim naar Mont Trebevic, ze zich kunnen voorbereiden op de dagen die volgen en waar op het eerste gezicht de oorlog naar de achtergrond lijkt te verdwijnen. 

‘Wij zijn geboren met haat en lijden aan collectieve amnesie. Er zitten hier nog steeds mensen in de politiek die schuldig zijn aan de oorlog. Mensen vergeten snel.’

Etappe 2 – The Dutch Mountains

‘Ik weet niet wat waar is over Visegrad. Wie zal het zeggen? Maar ik weet wel wat ons hier in Servië bezighoudt: Welke grenzen lopen waar? Dat is hier het probleem.’

Vanuit Travnik, klimmen we rustig richting Sisava. Enerzijds een zomerspookstad anderzijds een wintermetropool buiten Travnik. Als je vanaf de grote centrale parkeerplaats het centrum uitloopt, vind je de vervallen skischans uit 1984. Het stadion, waar de springers ooit eindigden is er geasfalteerd, gedegradeerd tot een parkeerplaats van het luxe resort Hotel Spa Blanca. 

Vanaf hier volgt een lange mooie afdaling die ons, over routes die Nederlandse militairen veelvuldig gereden hebben, uiteindelijk naar Bugojno brengt.

In 1929 verbiedt koning Alexander de eerste alle politieke partijen en elke uiting van etnische gevoelens in de hoop daarmee een einde te maken aan de verdeeldheid in zijn land. Het ontbreekt zijn land aan eenheid de wetten die hij aanneemt, moeten dat veranderen en leiden tot eenheid. De koning maakt zich er niet populair mee en moet dit besluit uiteindelijk met zijn leven bekopen. 

De eenheid komt pas na de oorlog als partizanenleider Tito aan de macht komt. Als Josip Broz Tito (de communistische leider die de opmars van Rusland naar het westen wist te stoppen) overlijdt, komen ook de verschillen weer bovendrijven. 

Etappe 3 – Eenheid, de vuist van Tito.

Vanuit de start in Bugojno zoeken we een verlaten weggetje op. Een Limburgs klimmetje dat ons langs de oude Datsja van Tito leidt. Vanaf de vervallen vakantievilla volgen we de weg naar Jablanica. Omgeven door een uitgestrekt landschap loopt de weg langzaam op tot aan het wit betonnen geraamte dat hier hoog boven alles uittorent. Van de vuist van Tito verkeert net als zijn datsja in een deplorabele onherkenbare staat. 

Om toch iets van een levende herinnering aan de oud dictator terug te vinden, moeten we doorrijden tot aan Konjic. Daar ligt, ongebruikt en nog volledig intact, een van Joegoslavië’s best bewaarde geheimen; de schuilbunker die hij uit angst voor een nucleaire aanval liet bouwen.

***

Woensdag 29 Juni 2022 Sarajevo – Bugojno – Konjic 

Tussen de lege chips zakken, bierflesjes en gebruikte condooms door loop ik de Bobsleebaan van Sarajevo in. De baan is in verval, maar is een plek waar de jeugd in de weekenden samenkomt om te vluchten van hun ouders. De felgekleurde graffiti ’s zijn moderne muurschilderingen waarmee ze hun dromen en protest tegen de oorlog weergeven. Make love…

Buiten Sarajevo verdwijnt de oorlog langzaam maar zeker uit beeld. Daar moet je het verloop ervan kennen om hem nog te zien. De bruggen die weer hersteld zijn, de minaret van de moskee Ahmici niet meer als een omgevallen raket op de grond ligt maar overeind staat. Soms vang ik tussen de bomen een glimp op van een vervallen huis. Dan rijd je langs een verkeersbord met vijf kogelgaten waarvan het hier niet de moeite is om het te vervangen. Het doet nog steeds wat het moet doen, je waarschuwen voor vallend gesteente. 

Net buiten Bugojno zoeken Freddy en ik tegen het einde van de dag naar de oude villa van Tito. De status van de oude maarschalk blijkt gedegenereerd tot minder dan een ruïne. Condooms, bierflessen en chips zakken liggen er niet. Voor de ingang van de datsja ligt een zwerfhond. Een herder die lijkt te waken tot zijn baasje weer thuiskomt. 

***

Etappe 4 – een brug te ver

Vanuit Konjic loopt onze route richting Jablanica. Prominent in het stadje herinnert een oude locomotief en een opgeblazen brug aan de slag om de Neretva. Een van de confrontaties tussen het Duitse leger en de partizanen, die in de film Force ten from Navarone een belangrijke rol speelt. 

Over het ware verloop van die slag, lopen de meningen uiteen. Zo meent de Servische historicus Miloslav Samardzic, dat de geschiedenis van deze slag is herschreven door de overwinnaars. Zijn onderzoek toont aan dat het niet de partizanen, maar de Duitser waren die de brug opbliezen. 

Vanaf Jablanica zakken we af naar het zuiden richting Mostar. We volgen de loop van de helderblauwe Neretva die in het eerste gedeelte nog aan je linkerhand ligt. Aan het einde van een korte klim steken we een brug over waardoor we hem tot in Mostar rechts houden. 

De botsing van culturen en geloof in Bosnië zijn niet vreemd als je bedenkt dat het land altijd op grenzen heeft gelegen. Tussen de Romeinen en Byzantijnen, tussen de katholieke en de orthodoxe kerk, tussen het Habsburgse en het Ottomaanse rijk. In de tijd van het ijzeren gordijn tussen communisten en kapitalisten en tegenwoordig vormt het de grens met de Europese Unie. 

In de stad Mostar met haar beroemde brug over de Neretva mag als toeristische trekpleister vredig ogen, maar dat het land bestaat nog steeds uit veel voor ons onzichtbare grenzen bestaat ontdek je zodra je onder de oppervlakte durft te kijken. Dan valt je mogelijk op dat er twee ziekenhuizen, twee universiteiten, twee theaters, busstations, postbedrijven en ga zo maar door zijn. 

‘Zonder de Kroaten, zou Europa zijn geïslamiseerd.’

***

Donderdag 30 juni 2022 Konjic – Mostar – Trebinje

Waar het onder mijn schoen gekomen is, weet ik niet. Maar het moet gisteren zijn toen ik merkte dat er grind onder mijn zolen bleef plakken. Hier in Mostar is de kauwgom weer zacht geworden van de hitte en plakt mijn linkervoet bij elke stap kort vast aan de straat. Aan de kleine gladde kasseien die naar de oude brug van Mostar leiden. 

‘Most,’ vertelt Freddy terwijl ik mijn schoen schoon probeer te vegen in wat zand, ‘betekent “brug” en star is “oud”’ 

Zonder het te weten, bombardeert hij boven de Neretva mijn gedachtes tot een pleonasme. De rivier die ons stroomt en we al bijna zeventig kilometer volgen, doet qua kleur denken “an der schönen blaue Donau” maar dan als een wilde tango in plaats van trage een wals.

Als ik een goede foto van de brug wil maken, kan dat volgens Freddy op het terras iets verderop. De oude brug heeft iets magisch, maar niet met al die felgekleurde toeristen en dus fotografeer ik in de stad wat muurschilderingen en teksten.

“Nooit vergeten, nooit vergeven, Srebrenica 11.7.1995.” staat er in dikke letters op de gehele breedte van een garagemuur gekalkt. De inwoners en de gidsen die groepen toeristen naar souvenirwinkels loodsen, lopen eraan voorbij alsof het een reclame is.

Mostar is een stad waar de oorlog van toen een attractie geworden is, maar waar bevolking de kapotgeschoten gebouwen van de stad nog amper zien staan. Af en toe irriteren ze als kauwgom onder je schoen.

***

Etappe 5 – the longest day

Via het dorpje Blagaj, waar de rivier de Buna in een ondergrondse grot ontspringt, rijden we verder naar het zuiden. Langs de mysterieuze Stecci, middeleeuwse grafstenen die als Unesco werelderfgoed beschermd zijn, belanden we tussen de Bosnische wijnvelden.

Het is gebied waar de mensen niet zozeer praten over de oorlog die er eigenlijk aan voorbij getrokken is, maar over de druiven die er groeien. De bijzondere kalkstenen die de Zilavka, Vranac en Blatina hun bijzondere smaak meegeven. De langste dag kan dan ook haast niet anders eindigen dan op een plek waar een goede fles soldaat gemaakt gaat worden. 

Etappe 6 – Route des Crêtes

Met een kater in de benen beginnen we deze dag met een klim. Eenmaal over de top, fietsen we richting het Sutjeska National Park. Behalve de hoogvlakte waar koeien en geiten vrij rondlopen, soms voor het gemak de weg gebruiken die ook wij afleggen, passeren we het Bileca meer. Het meer is ontstaan door de aanleg van een stuwdam in het gebied. Het is een plek waar duikers vindt die de dorpjes bezoeken die onder het water verborgen liggen en waar wielrenners een zeldzaamheid zijn. 

Achter het meer in de verte liggen de Zwarte Bergen die de grens met, hoe kan het ook anders, Montenegro vormen. Het dorpje Gacko dat we vandaag passeren brengt je vanwege een rokende kolencentrale en een streng kijkende Mladic even in verwarring. Daarachter duiken we het nationale park, het thuis van de partizanen tijdens de tweede wereldoorlog, in en finishen we bij het monument van de slag om Sutjeska. 

‘Want hier in Bosnië hebben we de echte Europese ervaring. Als je dat niet begrijpt, begrijp je niets van Europa.’

***

Vrijdag 1 juli Trebinje – Tjentiste- Sarajevo

Sutjeska is een niemandsland, een natuurgebied waar de laatste oorlog niet langs is geweest. Omtrokken door de strijdende partijen omdat er in de paar dorpjes die er in de vallei liggen niets te halen valt. Koeien en geiten grazen er vrij en lopen voor het gemak regelmatig op de weg. 

De ongerepte natuur, de stilte en helder blauwe meren vol met vis, zijn rustgevend. Daarachter in de verte zie je de bergtoppen die de grens met Montenegro vormen. Ze sussen me zover in slaap, dat ik schrik als zelfs de Banksy-achtige muurschildering van een vriendelijk lachende generaal Mladic in Gacko heel even op iets van sympathie bij me opwekt. 

Het is die andere, oudere oorlog die met een enorm monument bovenop een heuvel je aandacht trekt. Twee gebeeldhouwde brokken wit steen waar je vanuit een Riefenstahlperspectief naar kijkt en het zo nog indrukwekkender maakt. Pas na de 356 treden zie je de soldatengezichten die in het beeldhouwwerk schuil gaan.

In Sutjeska vocht een relatief kleine groep partizanen zich tegen een enorme Duitse overmacht een weg uit een omsingeling. Pas als je dat weet en je je beneden nog een keer omdraait zie je geen stenen blokken meer die naast elkaar staan, maar twee legers die frontaal op elkaar afstormen.

***

Etappe 7 – Enduring Freedom

Vanuit Tjeniste keren we noordwaarts, terug richting Sarajevo. Dorpjes zijn er hier eigenlijk nauwelijks, maar wel de Drina. Er is geen tijd om de rivier tot in Visegrad te volgen. Maar de rivier wijst ons wel op de klassieke roman van Ivo Andric over de oorsprong van het conflict op de Balkan. De brug over de Drina vormt een vast punt van waaruit de geschiedenis en de toekomst van het land beter begrepen kunnen worden.  Ze is de schakel tussen het verleden en de toekomst, arm en rijk, oost en west, Serviërs en Kroaten. 

De Drina vertelt ons dat honderdtien kilometer die nog voor ons liggen, kilometers zijn om van te genieten, een verleden achter te laten en het een plek te geven in de toekomst. 

‘Het is makkelijker zonder grenzen op de Balkan. Maar het brengt deze regio niet tot rust… De Balkan is nog steeds een kruitvat.’

Share and Enjoy !

Shares

Leave a reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.