Zwartrijder in de Dolomieten

‘Oh hee, cazzo!’ klinkt het achter me als ik op de kruising in Corvara het parcours op schiet. Vanuit Colfosco ben ik af komen dalen. Een startnummer heb ik niet. Een van de jongens uit onze fietsgroep was geblesseerd en ik ging in zijn plaats, maar het was al te laat om een nummer over te zetten op mijn naam. Alles hebben we gedaan om het toch voor elkaar te krijgen: e-mails, een vals paspoort, zelfs een gesprek met de directeur van de Maratona, maar niets hielp en dus rijd ik zwart.

De Italianen die me zo-even nog vriendelijk begroetten, maken in het passeren wat handgebaren die ik van mijn schouders af laat glijden. De gedachte dat ik duizend kilometer voor niets gereden had, maakte mij de afgelopen dagen niet te genieten. Het is chagrijn dat van me afvalt nu ik in koers ben. Een onderdeel van de 10.000 man groot peloton dat als een slang over de flanken van de Passo di Campolongo omhoog kronkelt.

Langzaam schuif ik door de groep heen naar de linkerkant van de weg, waar er harder wordt gereden. Af en toe overweeg ik het wiel te pakken van een passerende renner. Ondanks een enorm slaapgebrek voelen mijn benen goed, maar de angst om dit later te bekopen houdt me tegen en dus rijd ik gedoseerd.

Ook op de Passo Pordoi spaar ik mijn benen voor de Sella die ik nog niet eerder beklom. De eerste ronde is eigenlijk de zwaarste. Er is geen tijd om te rusten, na iedere afdaling volgt direct de volgende klim. Pas na de tweede keer de Campolongo beklommen te hebben, is er een stuk waarin je tot aan de voet van de Falzarego kunt herstellen.

In de afdaling van de Gardena passeer ik Cristel, de reden voor mijn slaapgebrek Ze is samen met een vriendin naar de Dolomieten gekomen is om me aan te moedigen. Ik lach. Seks voor de wedstrijd blijkt tot dusver eerder doping dan een zonde. Doping die net onder de top van de Valparolo definitief uitgewerkt is.

Harkend bereik ik de laatste afdaling waar ik mijn benen los probeer te schudden voor de Mür dl Giat. De laatste klim die je na het passeren van San Cassiano links al kunt zien liggen zoals je vanaf de snelweg in België ook La Redoute kunt zien liggen. Als een dronken clochard slinger ik naar de top en laat me in de afdaling naar Corvara vallen.

Na vijf uur op de fiets rijd ik nu rechtdoor op de kruising waar ik eerder het parcours opreed. Mijn kuiten lijken uit elkaar te scheuren. Anderhalf uur sneller dan ik zelf had gedacht, schiet het tevreden door mijn hoofd. Cris kijkt trots terwijl ik voel hoe het bier mijn leeggereden benen vult.

 

Niels ®elen

Please follow and like us:
12

Leave a reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *