Tekening

‘Heb je het gezien hoe mooi de magnolia bij Henri en Marijke bloeit?’

‘Je kunt het niet echt missen.’

‘De mijne niet, ze zijn gestorven aan heimwee naar de boom waar ze aan groeiden. Zielig hè?’

‘Je bedoelt de paar takken die je bij de bloemist kocht, die op je tafel stonden?’

‘Ja. De bloemen voor eeuwig gevangen in hun doodskistknoppen. Huil nou even met me mee. Dood als een pier, maar met de schijn van leven toch nog mooi.’

‘Gelukkig heb je nog nepmagnolia’s in de kelder. De magnolia hier verderop is overigens al aan het vervellen, de roze huid verbrand in de lentezon.’

‘Wat schrijf je?’

‘Een gedichtje.’

‘In mijn poesie album, dat zou je maanden geleden toch al doen.’

‘Ik wist niks tot vandaag, 35 jaar nadat je buurmeisje Marloes er het laatste versje in schreef.’

‘Je wist niets? Poesie albums vul je toch zeker met cliché’s. Versjes over een varken met een krulstaart die keurig op het bord schreef of gewoon vergeet mij niet.’

‘Van die teksten die je al op iedere bladzijde terugleest. Je weet toch dat ik altijd eigenwijs ben. Ik schreef echt iets voor jou.’

Lente

 

Ethiek verstand en bewustzijn draai je de nek om

Je slaat me neer, sleurt me aan mijn krullen mee

Een woerd, zó gedreven dat je mij ongemerkt verzuipt

Weerloos constateer ik

Jij bent mijn lente

 

‘Mooi. Heb je wel van die truttige plaatjes?’

‘Bedoel je van die plaatjes die doen denken aan het porselein van de Veerkampjes? Poesjes of schoothondjes in een mandje met wat glitters erop in reliëf?’

‘Ja, heerlijk die kitsch.’

‘Vind je het goed als ik een tekening maak?’

 

Niels ®elen

Please follow and like us:
13

Leave a reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *