Negers, een open brief aan Ruth Sinkeler

Lieve Ruth,

 

Terwijl ik afgelopen vakantie met mijn vriendin en de kinderen een plek zoek op het strand bij het meer van Clairvaux wordt mijn aandacht getrokken door een gettoblaster. Op de plek waar het geluid vandaan komt, ligt een grote groep negers: mannen, vrouwen, kinderen, familie en vrienden. Sommigen van hen hebben haren zoals The Jackson 5, anderen hebben het kort, maar allemaal hebben ze kroeshaar.

Achter de muziek komt rook uit een barbecue waar, gezien de geur, overduidelijk gekruid vlees op moet liggen. De vrouwen dansen en lachen terwijl de mannen tegen een bal aan trappen. Centraal staat een mooie man van naar ik schat een jaar of vijftig, Ruth. Zijn diepbruine, bijna zwarte lichaam is nog steeds gespierd en heel even denk ik dat het Mike Obiku (de oude Feyenoord-spits) is, die na elke goal zijn shirt uittrok.

Vanaf gepaste afstand constateer ik dat alles wat ze doen, zelfs af en toe stil op hun handdoeken liggen, swingt en me vrolijk maakt. En ik baal, Ruth, want met twee linkerbenen kom je met een potje strandvoetbal normaal gesproken nog wel weg, maar niet bij deze voetballende Churandy Martina’s. Hoewel ik het qua lichaam, in tegenstelling tot de meeste mannen van mijn leeftijd op dit strand, nog wel aandurf, mis ik simpelweg ‘swag’.

Teleurgesteld laat ik me wegzakken in de Lamzac die ik voor deze vakantie kocht en denk terug aan onze tijd op de middelbare school. We hadden niet veel negers op school. Meer dan twee (waarvan er eentje ooit een geëmancipeerde Sinterklaas speelde met witte Pieten) kan ik me er eigenlijk niet herinneren. Ze waren interessant, misschien wel doordat jullie exclusief waren, waardoor discriminatie niet aan de orde leek. Misschien vind je me naïef, maar voor mij is ook nu nog het woord neger gekoppeld aan niet veel meer dan een observatie van een huidskleur, Ruth, zoals ik een blanke ben.

Op het strand bij het meer lach ik nog eens naar de groep negers en kijk naar de andere mensen om ons heen. Ze bekommeren zich om hun kinderen die te ver weg lopen of te veel lawaai maken, ze liggen op handdoeken een boek te lezen of doen net als ik gewoon niets. Ik voelde me niet blank, lieve Ruth, veeleer kleurloos.

 

Liefs Niels

 

Please follow and like us:
12

2 comments

Leave a reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *