Lastpak

‘Tenzij u bezwaar heeft, zijn we in het geval van een hartstilstand van plan om alles te doen wat nodig is om u te redden.’ De arts kijkt mijn moeder niet aan als hij het zegt. Hij staart naar de monitor en neemt haar pols. ‘Volledige reanimatie, wilt u dat?’

Ik weet dat mijn moeder niet verlangt naar euthanasie, maar toch houd ik even mijn adem in.

‘Ja.’ Antwoordt mama schuchter. Ze weet al dat ze vannacht moet blijven. Dat er iets echt niet goed is met haar hart. Ze heeft er zichtbaar moeite mee omdat ze anderen al de hele dag tot last is geweest. Doktoren, verpleegsters, kinderen en kleinkinderen. Al die zorgen om haar.

‘Ik mocht niet eens zelf naar de ambulance lopen van die verplegers.’ Vertelt ze zodra de dokter op de spoedeisende hulp achter het gordijn verdwenen is. ‘De fietsen stonden nog buiten, de kussens lagen nog op de stoelen, maar ik moest op de brancard.’

Ik luister, niet alleen naar mijn moeder, maar veel meer nog naar de verpleegster. Mijn moeder denkt dat ze morgen al wel weer naar huis kan, maar het verhaal van de zuster klinkt anders.

‘Wat is er eigenlijk gebeurd mam?’

‘Gisterenavond kreeg ik ineens last van zere handen, mijn armen voelden moe en ik had ook pijn op de borst.’ Mijn moeder strekt haar vingers en kijkt naar haar armen. ‘Ik dacht dat het gewoon vermoeidheid was. Vroeg naar bed en dan zal het wel overgaan. Toen ik in bed lag, maakte ik me toch wel een beetje zorgen. Saartje sliep bij mij en ik was bang dat het kind wakker zou worden naast een dode oma.’

‘Als de pijn in bed niet overging, waarom heb je dan niet naar de huisartsenpost gebeld?’

‘Dat heb ik de volgende morgen ook gedaan. Toen ik ’s morgens weer last kreeg heb ik Joke gebeld en die zei dat ik echt moest bellen.’

‘Wat heeft de dokter eigenlijk gezegd dat er aan de hand is.’

‘Het konden twee dingen zijn. Een propje in de kransslagader en iets dat een Japanse of Chinese naam had. Ze noemen het ook wel het gebroken hartsyndroom geloof ik.’

‘Ben je verliefd?’ Voordat mama kan antwoorden, roept mijn dochter:

‘Tako Tsubo cardiopathie.’ Ze leest het voor vanaf het internet. ‘De ziekte is genoemd naar een Japanse keramieken pot Tsubo die dienst doet als een val om inktvis Tako te vangen. De linkerhartkamer neemt namelijk de vorm aan die lijkt op de Japanse pot.’

Mijn moeder glimlacht, maar achter haar bril zie ik dat haar ogen waterig zijn. Niet omdat ze liefdesverdriet heeft, maar vanwege het besef dat er toch iets niet goed is. Net nog toen ze terugkwam van even plassen was die pijn op haar borst er weer. Toen ze het tegen de zuster vertelde, had ze gelijk al spijt.

‘Het valt wel mee hoor, eigenlijk is het alweer bijna weg.’ Het weerhoudt de zuster er niet van om direct een nieuw ECG te laten maken. Een ECG dat ik vergelijk met een van eerder op de avond toen ze geen pijn had. Je hoeft geen dokter te zijn om in een oogopslag te zien dat mijn moeder niet de lastpak is die ze denkt te zijn.

 

 

Niels ®elen

 

Please follow and like us:
9

One comment

  • Leen  

    Sterkte toegewenst Niels

Leave a reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *