Dagboek van een muurbloem: Deel VII – Miljoenenjacht

Om een bevriende bloemist te helpen in deze tijd, bezorg ik bloemen in Zeist.

Dinsdag 24 – 03 – 2020


‘Is dat voor mij?’ met de ogen van een kind dat voor het eerst getuige is van een eenvoudige goocheltruc, kijkt de man naar het boeket dat ik hem breng. ‘Wat all

eraardigst van u.’

‘U hoeft mij nergens voor te bedanken hoor.’ Hoewel ik op zich geen enkel bezwaar heb tegen het imago van weldoener, lijkt het me wel zo eerlijk om de man te vertellen dat ik slechts de bezorger ben.

‘Maar van wie is het dan?’
‘Geen idee mijnheer,’ ik wijs naar het midden van het boeket, ‘maar dat staat vast op het kaartje dat ertussen zit.’
‘Zal ik dat,’ alsof hij mijn toestemming nodig heeft, staart de man me aan, ‘dan maar eens even vlug lezen?’
‘Ik wacht daar altijd mee tot ze bijna verwelkt zijn.’
‘Waarom dat dan?’ antwoordt hij verbaasd.
‘Dat is veel spannender,’ fluister ik, ‘zolang ik niet weet van wie het is, leef ik in de illusie van een minnares, een geheime liefde. Dan heb ik niet alleen bloemen in huis, maar ook nog vlinders.’

Om er zeker van te zijn dat zijn vrouw ons niet gehoord heeft, kijkt hij vluchtig achterom de lege gang in. Met een twinkeling in zijn ogen pakt hij, zonder het kaartje te lezen, de bloemen op. De straatprijs van de postcodeloterij is zojuist op de Burgermeester Patijnlaan in Zeist gevallen.

Meer dagboekfragmenten lezen?

Niels ®elen

Please follow and like us:
0

Leave a reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *